De Jade ligt erbij als een spiegel als wij Horumersiel verlaten. Het Gele Beest bromt lekker en de schipper laat de Waggel door het vlakke water snijden. Links en recht knijpt hij een zandbankje af zodat beide Wesergeulen snel achter ons liggen. Te vroeg bereiken wij de monding van de Elbe. Naar Cuxhaven staat de stroom nog twee uur tegen.
Wij improviseren en steken de Elbemonding over in noordelijke richting. Na weer wat zandbankjes knijpen bereikt de Waggel het Sûderpiep, de geul tot Büsum. Daar kunnen wij in het lokale 'Segelverein' een rustig plaatsje vinden voor de nacht.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten