Er zijn zo van die plaatsen waar je ooit geweest moet zijn. Niet omdat ze een grote waarde hebben, maar gewoon omdat het zo hoort. Darßer Ort is zo'n plaats.
Darßer Ort is een zanderige kaap zowat halverwege Hiddensee en Warnemünde. In 1962 richtte de Nationale Volksarmee (DDR) hier een haven in. De hele kaap werd verboden gebied. Na de Wende heeft Darßer Ort de status van beschermd natuurmonument gekregen. Het haventje is echter een steunpunt voor de zeereddingsdienst en een gewaardeerde stopplaats voor de zeiler geworden.
Toen barstte het getouwtrek tussen de natuurliefhebbers en de watersporters los. Voor de ene moet het haventje verdwijnen, voor de andere moet het blijven. Uiteindelijk is men overeengekomen om in het nabije Zingst een nieuwe jachthaven te bouwen. Tot dat gerealiseerd is mogen de watersporters in Darßer Ort aanleggen voor 'noodgevallen'.
Voor het haventje verdwijnt moet ik er eens geweest zijn. Dus veins ik een plotse aanval van buikloop en vaar binnen. Achteraan een houten steiger liggen een reeks hekboeien. De Waggel legt aan, wij zijn alleen. Enige minuten later varen nog twee zeiljachten binnen. Wat later nog één en nog één. Tegen de avond liggen er wel dertig 'schepen in nood' aan de steiger.
Ik meld mij 's avonds plichtsgetrouw aan bij de havenmeester. Het is een zij. Groen uniform, kort haar, een beetje een dragonder. Ik ken plots alleen nog Engels. Zij spreekt alleen Duits. Maar wij begrijpen elkaar. Twee identieke documenten, vel carbonpapier ertussen. De balpen in aanslag. De ondervraging begint. "Bootsführer?" klint het. Ik antwoord. Ze gaat verder. Ik blijf behoedzaam antwoorden. Straks komt het, hoe zeg je nu buikloop in het Duits ... Scheißerei? Gelukkig komt het niet zo ver, ze slaat lachend de vraag met de reden van mijn 'Notfall' over. "Dreizehn Euro" zegt ze. Ik betaal het verschuldigde havengeld en sta terug buiten.
Eenmaal aan boord komt de echte uitdaging: de Verkenner uitleggen wat 'carbonpapier' is.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten