Ondanks het reef in het grootzeil loopt de Waggel 5 knopen hoog aan de wind. Doel is het oostelijk puntje van het Enkhuizerzand. Nadien gaat het ruimer naar Stavoren. Over bakboord zeilt een nieuwe 38-voeter parallel aan ons. De schipper is best tevreden dat de Waggel dit groter jacht kan bijhouden. "Laat dat reef maar zitten" denkt hij.
Bij de oostboei van het Enkhuizerzand geeft de wind er de brui aan. De schipper laat de Waggel langzaam haar koers verleggen naar het einddoel. De 38-voeter schuift voor ons langs en gaat verder hoog aan de wind. Plots kunnen wij niet meer verder. Voor ons drijven grote gele tonnen getooid met verbodstekens. De weg is versperd. De schipper grommelt "Wie koopt er nu jaarlijks kaarten van het IJsselmeer?"
Wat nu? Improvisatie? Achter die 38-voeter aan! Echter met een reef in het grootzeil en weinig wind is de Waggel een gematerialiseerde Belgenmop. Doch het werkt, wij komen voorbij de verbodsboeien. Maar zitten nu wel bij de Noordoostpolder.
Lemmer is nu nader dan Stavoren. Wij veranderen ons plan. Wij blijven zeilen langsheen de reusachtige windmolens die als wachters voor de polderdijk staan. De wind stopt ermee voor de siësta en wij gaan op motor verder naar de Prinses Margrietsluis. Het is er zomers warm en druk. Friesland beleeft een zomerse zondag.
Uiteindelijk leggen wij aan op het starteiland van het Sneekermeer. Wij zijn niet waar wij wilden zijn, maar wel een behoorlijk eind verder.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten